Reuk en smaak

De neus.

De extreem korte neus (Peke-Tick) bij Perzen komt gelukkig steeds minder voor. Echter niet in Amerika. Daar zijn katten met Peke-Tick zeer geliefd. In Engeland en nog een paar andere Europese landen wordt streng volgens de standaard gejureerd. Daar hebben deze platte neuzen weinig kans op een overwinning. De voorkeur gaat steeds meer uit naar het zogenaamde 'Engelse type'. Hierbij is de neus niet extreem plat.

De extreem korte neus bij Perzen veroorzaakt veel bijwerkingen, zoals kortademigheid, kauw- en eetproblemen en tranende ogen.


Een kat heeft in de neus 17 miljoen zenuwcellen die hij gebruikt om lekkere dingen uit de meest onmogelijke plekken weg te halen.

Bij de keuze van het eten is de geur beslissend. Katten die verkouden zijn weigeren voer niet omdat ze geen honger hebben, maar omdat ze het niet kunnen ruiken. Om de kat dan toch te laten eten is een sterkere geur nodig. Bijvoorbeeld gerookte bokking of gebakken lever.

De reuk- en smaakorganen zijn nauw met elkaar verbonden doordat de Neusholte (a, rood) uitkomt in de bek (b, rood). Ontvangers in het reukepitheel (c, rood met groeven) proeven in de lucht zwevende stoffen en zenden prikkels naar het Reukcentrum (d, licht rood) in de hersenen. Smaakpapillen op de Tong (e) reageren op stoffen in het voedsel; ook deze prikkels gaan naar het Reukcentrum (d, licht rood).
Door het verhemelte (gele stukje) loopt een kanaal naar het Orgaan van Jacobson (f, oranje). Dit orgaan is bezet met reukgevoelige cellen, die in verbinding staan met centra in de Hypothalamus (g, blauw). Dit orgaan is van belang voor het sexueel gedrag en de eetlust.

Als een kattenneus overmatig wordt geprikkeld, fleemt de kat: ze opent de bek en trekt het aroma scherp naar binnen. Hierbij zijn de neusvleugels gesloten en gaan de gaten van het Orgaan van Jacobson open staan. Dit extra reukorgaan leidt de informatie via het centrale zenuwstelsel naar de hersenen, van waaruit de handeling van de kat volgt.
Bij het flemen worden geurmoleculen in de lucht opgevangen op de tong. De tong duwt deze moleculen tegen de opening van het Jacobs orgaan.

Flemende katten kunnen hun baas aankijken met een blik van ofwel uiterste domheid ofwel van opperste afschuw.
De kat rekt de hals, opent de bek en krult de bovenlip op in een grijns.
Niet-gecastreerde katers zijn kampioen in het flemen, vooral als ze een krolse poes op het spoor zijn.

De geur van een concurrent heeft direct het overmarkeren van die plek tot gevolg, door er overheen te wrijven of te urineren.

Soms kan een kat geen of alleen een vage herinnering aan een geur verbinden. In dat geval genieten ze met een 'dromerige' gezichtsuitdrukking.

 

De tong.

De tong heeft verschillende functies en dient niet alleen voor het proeven en opnemen van voedsel, maar ook voor het schoonmaken en desinfecteren van de huid en de vacht.

Kattentongen dienen als rasp, die zelfs een bot kunnen afraspen. Bij het drinken fungeert de tong als een lepel en schiet snel in en uit de bek. De kat slikt na elke 4 of 5 bewegingen van de tong.


Het midden van de tong is bezaaid met draadvormige haakjes, die voor de ruwte zorgen.
Op de punt, de zijkanten en de wortel van de tong bevinden zich de smaakpapillen. De smaakcellen zitten in groepjes, als partjes van een sinaasappel, rondom een kleine opening.                                                         

De kattenkruid "trip".

De geur van bepaalde planten geniet soms een enorme belangstelling van katten.
Kattenkruid (Nepeta cataria) groeit in het wild in gematigde streken van Europa en Noord-Amerika. Het kan ook eenvoudig worden gekweekt in de tuin of als kamerplant.
In de tuin kun je er zeker van zijn dat het gedeeltelijk wordt platgetrapt en aangevreten door katten.
De karakteristieke volgorde van handelingen is:
Deze handelingen verschillende per kat in hevigheid en katers reageren meestal sterker dan poezen.
Ongeveer 50% van de katten reageert op kattenkruid.
De staat van euforie waarin ze geraken kan 5 tot 15 minuten duren.

De werkzame stof uit de plant (nepetalacton), is ge´soleerd en verkrijgbaar in spuitbussen of wordt toegevoegd aan speelgoed.

Het herkennen van smaken.

De ene soort vlees ruikt anders dan de andere. Konijn ruikt anders dan rundvlees en lever ruikt anders dan nieren. Katten zijn zeer gevoelig voor deze verschillen.
Dit is waarschijnlijk de oorzaak van het ontwikkelen van een bijzondere voorkeur voor of afkeer van bepaalde soorten voedsel.
Het herkennen van verschillende smaken begint al heel vroeg bij katten; kittens van 1 dag oud kunnen al het onderscheid proeven tussen vloeistoffen die wel of geen zout bevatten. Bij de ouder wordende kat neemt deze gevoeligheid echter af, net als bij de mens.